Het mengen van aanbidding
You are here: Home \ Studie \ Aanbidden in een samenkomst \ Het mengen van aanbidding
Travis Cottrell

Toen ik een tiener was (heel lang geleden) was er één zondag die ik nooit zal vergeten. De muziekleider deed iets dat hij nog nooit eerder gedaan had. Ons koor kwam op de gebruikelijke wijze binnen: de organist speelde de prelude¦ en de mensen begonnen te zitten na de gebruikelijke wederzijdse begroetingen. Toen de zaal stil werd begon het koor opeens de eenvoudige melodie van een nieuw lied te zingen: Ik hou van U. “Mooi nummer, dacht ik (al jong had ik mijzelf als kerkmuziek ‘expert’ benoemd en ik zou geen roep om aanbidding negeren zonder er een mening over klaar te hebben). Toen ze klaar waren met het refrein draaide de aanbiddingsleider (toen heette hij nog koordirigent) zich om en zei: “Laten we dit allemaal samen zingen. “Wat?dacht ik, “Dit lied staat niet eens in de gezangenbundel! Het stond in geen van de oude gospelbundels! Het was niet eens in de aankondigingen genoemd. Laat het koor zingen! Ik lees de aankondigingen wel.

Maar toen, terwijl hij en het koor ons leidde begonnen de mensen te zingen één voor één begonnen alle leden te zingen. Uiteindelijk stopte de piano en het orgel en hoorde je alleen de stemmen. Het was prachtig. Zelf mijn jonge en arrogante ik begon te zingen, en mijn ziel werd stiller en stiller in de tegenwoordigheid van de Heer zoals nog nooit tevoren. Terwijl het lied eindigde ervoer ik mijn eerste ‘heilige stilte’ van mijn leven daar binnen de muren van mijn kleine, pretentieloze kerkje.
Het zingen van Ik hou van U werd een vaste opening in onze samenkomsten maar het was nooit saai. Op een bijzondere wijze wist de Heilige Geest door dat eenvoudige nummer onze harten voor te bereiden. Week in week uit. Soms gebruikte we een ander nummer om te beginnen, maar Ik hou van U bleef het uitgangspunt. Die tijd bracht onze kerk een van de meest bijzondere geestelijke ervaringen en een seizoen van groei.

Onze muziekleider deed iets eenvoudigs, maar het was iets enorms in het leven van deze aanbidder. In een oogwenk veranderde de muziek in onze samenkomsten van ‘zingen’ in ‘aanbidden’. Iets in me begreep dat terwijl we het nummer zongen. Opeens had datgene dat ik aan het zingen was een betekenis. Het was niet zo dat gezangen geen betekenis hadden gehad, ik ben gek op gezangen en had altijd wel een speciaal gezang dat ik wilde zingen. Maar omdat zijn methode veranderde: ander lied, andere stijl, andere aanpak, merkte ik dat ik luisterde naar ieder woord dat ik zong. Schep vreugde Heer, in wat U hoort! Ja, echt waar: Hij luistert. Dit is echt voor Hem.

Ik kijk nu terug op die dagen, en ik zie duidelijk hoe de Heer de wijsheid van de aanbiddingsleider gebruikte om mij te vormen. Het waren kleine dingen zoals de Ik hou van U ervaring die een verlangen in mij schiepen om de Heer creatief te aanbidden. En ik ben daar zo blij mee.
Nu, heel wat jaren later, vind ik mijzelf ingesloten tussen twee totaal verschillende generaties in het lichaam van Christus. Eén groep is volwassen geworden in het geloof onder het motto: Weest stil mijn ziel, de Heer is bij je, en een andere die een emotionele verbinding hebben met hun Redder waardoor ze zingen Ik zal nooit weten wat het kostte om mijn zonde op het kruis te zien. En ik moet u eerlijk zeggen: IK VIND HET HEERLIJK!

Wat een heerlijke tijd om aanbidder te zijn. Laten we dit moment grijpen! Als we actief de generationele én culturele kloof proberen te overbruggen, zal onze aanbidding groeien, en gaat het lichaam van Christus worden zoals het geroepen is om te zijn. Dat is de essentie van waar het mengen van aanbidding over gaat.
Ik vertel vaak over een discussie die ik had met een familielid. In mijn poging om hedendaagse muziek in aanbidding te verdedigen zei ik: “God stopte niet met creatief zijn op het moment dat Johannes de Heer overleed!En dat is waar. God is de schepper van alle dingen, en Hij is creatief. Hij laat nog steeds nieuwe bijzondere liederen, gedichten, schilderijen, beeldhouwwerken, dramaturgie, dans en nieuwe aanbidding geboren worden in Zijn volk van vandaag. Om te veronderstellen dat God 50 jaar geleden is gestopt met het brengen van nieuwe Christelijke muziek is gevaarlijk, om het zacht uit te drukken.

Op de zelfde manier kan je je afvragen of we gezangen en oudere nummers moeten negeren omdat we moe van ze zijn, of omdat ze ons intellect of muzikaal niveau te weinig prikkelen? Absoluut niet. Gezangen raken mensen vaak op een manier die ze terugbrengt naar hun eerste liefde, en ze kunnen de deur zijn die opent naar een grote opwekking in ons eigen leven. En, natuurlijke zullen de gezangkampioenen het niet nalaten om op de theologische puurheid van gezangen te wijzen, en de mogelijkheid om ons iets te leren.

Maar, wat als we ons referentiekader toelaten om aanbidding nummers en andere vormen van aanbidding toe te laten uit andere culturen of zelfs andere denominaties? In ons Praiseteam zingt een Afrikaanse vrouw. Het is zeer interessant geweest om onze aanbiddingservaringen en persoonlijke voorkeuren uit te wisselen. Op een ochtend tijdens de aanbiddingsdienst had ik een nummer ingevoegd uit de jaren 70 Pass it on (een kinderliedje, nee niet lachen, ik had er mijn redenen voor). Ik had net zo goed een lied kunnen zingen over de God van de aarde en in een spaceshuttle, ze had geen flauw idee waar het over ging. We merkten dat we erg weinig gemeenschappelijks hadden in onze kerkelijke opvoeding.

Het is een bron van vreugde voor mij geweest om mijn denken te verbreden, en meer te leren van haar die was opgevoed in een Afro-Amerikaanse gemeente. Hoe verrijkend en verfrissend om niet alleen nieuwe liedjes te leren, maar ook nieuwe wijzen van zingen van deze nummers. Manieren die je geest aanraken, terwijl je als geheel persoon “geest, ziel en lichaam” in aanbidding opgaat.
Waarom leren we niet van diegene die God om ons heen geplaatst heeft. In plaats van strijd met andere gemeenten om de leden of over doctrines, zouden we een gezamenlijke aanbiddingsavond moeten houden met een gemengd koor en een gemengde aanbidding. En in plaats van altijd alleen maar liederen te zingen, waarom proberen we niet om bijbelteksten in de aanbidding te brengen of teksten lezen waarop de gemeente antwoord zoals bij onze liturgische broeders en zusters. Of vlaggen en banieren gebruiken in de vieringen zoals de kinderen Israels deden in het Oude Testament? Ondanks het feit dat aanbidding een heilig dienstbetoon is, hoeft het niet saai te zijn.

We smeken om creativiteit omdat we zijn geschapen in het beeld van een creatieve God. En er is in ieder van ons een stuk van die creativiteit. Wees moedig! Je volgorde van aanbidding zal niet dezelfde zijn als die van mij, en die van mij niet als die van Maarten Luther, maar dat is okay. We gaan niet voor uniformiteit in aanbidding, maar eenheid. We zijn EEN LICHAAM (Efeze 4:4). En dat is hoe een Hervormde of Evangelische, een Gereformeerde of een Baptist, een Nederlander of een Griek, een volwassen gelovige of een pasbekeerde dezelfde God in dezelfde aanbiddingsdienst kunnen aanbidden: omdat we allemaal van DEZELFDE GEEST zijn.
Gemengde aanbidding is niet moeilijk. Er is geen formule voor. De enige voorwaarde is dat we ons hart aan de leiding van de Heilige Geest overgeven. En dan kunnen we ons openstellen voor de heerlijke uniekheid die God voor ieder lid van Zijn lichaam heeft gegeven. Als we dat doen, weten we dat waar onze aanbidding ook naar toe gaat, het hart zal zingen: laat mij zijn een lofgezang voor U.
© Travis Cottrell oktober 2003
© 2005 Stichting Worship Europe
Vertaald en bewerkt door: Olaf Milders

Travis Cottrell
Over de auteur:
Travis Cottrell is in Amerika vooral bekend geworden als aanbiddingsleider van de Beth Moore conferenties. Naast een aantal eigen uitgebrachte CD's is hij voornamelijk bekend geworden door de Integrity CD's 'Unashamed Love' en 'Alive Forever'. Eerder dit jaar bracht hij een bezoek aan Nederland samen met Forever Worship (voorheen het Ronduit Gospel Choir).

Geef een reactie